| Fokkerij |  |
Zoals zo velen begonnen zijn met het fokken van een veulentje, zo is ook Landamæri begonnen. In 1998 is het eerste veulentje geboren, waarna in 2001 een broertje volgde. Inmiddels was het paardenbestand aardig uitgebreid, waardoor er ook meer veulentjes gefokt werden. Dit werd echt serieus toen Gandur ten tonele verscheen.
Omdat Gandur de potentie had een goed sportpaard te worden een erg goed exterieur had, is hij de stamvader (naar later bleek) van de fokkerij geworden.
De veulens van Gandur zijn over het algemeen goed herkenbaar: groot, langbenig met veel schwung in de gangen en veel natuurlijke gangenaanleg. Veel van de veulens zijn voorgebracht op de veulenkeuringen, waarbij ze bovengemiddeld exterieur en gangenaanleg vertoonden. Inmiddels zijn de eerste nakomelingen onder het zadel, makkelijk van karakter, wel met een trotse inborst, maar ijverig in het werk.
Doel van de fokkerij is om vriendelijke, looplustige paarden te fokken met een goed exterieur en een goede gangenaanleg. Makkelijk te rijden paarden voor zowel sport als recreatie.
Natuurlijk kunnen niet alle merries gedekt worden door Gandur, dus ook worden hengsten van buiten bezocht om de basis breed te houden. Dit jaar is een dochter van Gandur naar Sjódur frá Nedra Seli gebracht, een jonge veelbelovende vijfgangerhengst van Mireille van Meer. Daarnaast heeft Fitja-Hrimnir een merrie mogen bezoeken in Duitsland.
Links in het menu kunt u meer vinden over de hengst Gandur en de gefokte paarden van Landamæri
 |
|